WOORD & BEELD

Werkoverleg

05nov
0Comments

Thee met aardbeiensmaak en te weinig stoelen tijdens mijn eerste

thuiszorgbijeenkomst. ‘Werkoverleg’, stond in de mail, maar het blijkt

een monoloog van de wijkcoördinator. Hij zit aan de kop van een lange

rij tafels met de vingertoppen tegen elkaar. “De geldkraan van de

gemeente gaat dicht en daar kunnen wij als Thuiszorg helemaal niks aan

doen.” Mijn collega’s vissen boterhammen uit plastic zakjes, ze luisteren

kauwend. Of ze fluisteren wat met een buurvrouw.

De coördinator brengt het alsof het voor ons thuishulpen allemaal veel

makkelijker en overzichtelijker gaat worden. Maar ook: “Zeg er nog maar

niets over tegen jullie cliënten, anders gaan ze zich maar zorgen maken.

Wij gaan dit jaar bij iedereen langs voor het zogeheten

keukentafelgesprek, waarin we uitleggen wat er gaat veranderen.”

Veranderen gaat er veel. Vanaf volgend jaar krijgt iedere cliënt in

principe maar twee uur hulp per week. Twee uur! Waarin de thuishulp

moet zorgen voor een schoon en leefbaar huis.

Een tragische ontwikkeling, en dat allemaal onder het mom dat alle

Amsterdammers zo lang mogelijk zelfstandig moeten kunnen blijven

wonen. Buren, kinderen, vrienden worden geacht mee te helpen om dit

mogelijk te maken. Er is een lijst voor iedere cliënt waarop hij of zij moet

invullen wie wat straks gaat doen. Lang leve de participatiemaatschappij.

Maar wat als je geen buren, kinderen of vrienden hebt?

Mijn collega’s reageren verheugd. Ah, we hoeven niet meer zoveel te

doen. Geen balkons meer schoonmaken, geen boodschappen doen, geen

strijkwerk. Wat ze vergeten is dat er voortaan meer adressen per dag

schoongemaakt moeten worden. In plaats van twee huizen te stofzuigen

zullen er voortaan drie of vier op een dag gedaan moeten worden. Geen

pauze meer met een kopjes Senseo koffie, hét hoogtepunt van de dag

voor de cliënt.

Er is ineens wel een nieuwe dienst ontstaan bij de Thuiszorg. Cliënt kan

voor tien euro per uur iemand inhuren voor klussen in en om het huis.

De gemeente sponsort dit voor vijftien euro per uur. Blijkbaar is er een

andere geldkraan gevonden. De wijkcoördinator krijgt het niet goed

uitgelegd.

Ik besluit de gemeente om opheldering te vragen. “Ja,” zegt de

medewerkster aan de andere kant van de lijn monter. “Dat geld komt

inderdaad uit een ander potje en is voor de werkgelegenheid. Een doekje

voor het bloeden. Nu de thuishulpen minder uren gaan maken, is er geld

vrijgemaakt om ze toch aan het werk te kunnen houden. Een project van

ongeveer een jaar. Maar,” vervolgt ze, “het zou best een langduriger

project kunnen worden, want er wordt nog bijna geen gebruik van

gemaakt.”

Einde
Hartzaak